Hoe kies je een mechanisch toetsenbord?

By 28 september 2020Tips

Tips

11 min.

Hoe kies je een mechanisch toetsenbord?

Een beginnershandleiding in mechanische toetsenborden

De wereld van mechanische toetsenborden is een bizar diepgaand konijnenhol. Je tekent voor wat meer precisie en duurzaamheid, je blijft plakken voor peperdure vervangingskabels en custom keycaps van kunstenaars. Dat is allemaal leuk en aardig, maar hoe stap je veilig en voorzichtig in dat wereldje? In deze beginnershandleiding voor mechanische toetsenborden geven we je wat broodnodige houvast voor een eerste aankoop…

Mechanische toetsenborden komen in allerlei vormen, maten en vooral prijzen, maar er is één factor die ze bindt: de schakelaars. Lees: het onderdeel wat een toetsenbord daadwerkelijk mechanisch maakt. Waar goedkopere toetsenborden in kantoor- en schoolruimtes vaak voorzien zijn van plakkerige en onprecieze rubberen dome-schakelaars, bieden deze afzonderlijke schakelsystemen een verfijndere aanslag.

Ook tussen die mechanische schakelaars is het aanbod breed, met talloze verschillende merken en uitvoeringen – elk weer voorzien van hun eigen afstelling, gevoel en geluid. Toetsenbordpuristen hebben dan ongetwijfeld hun eigen zegje over welke precieze schakelaar de beste ‘klik’ of ‘klak’ levert, maar uiteindelijk is élke mechanische schakelaar een stap omhoog van de meeste, generieke toetsenborden.   

Overschakelen naar een nieuwe standaard

Het punt van een goede schakelaar is dan ook niet enkel dat uitgesproken gevoel, maar ook de consistentie om precies dát gevoel te blijven reproduceren. Waar je laptoptoetsenbord of kantoorafdankertje alleen reageert op de hardste klappen (ook wel bottoming out genoemd), zijn mechanische schakelaars kundig afgesteld op specifieke contactpunten – die weer bereikt worden met een precieze actueringskracht.

Doordat mechanische schakelaars hierin meer verfijning vinden, komt daar ook een toename in de algehele stabiliteit bij kijken. Geen onprecieze rubberplaatjes die tegen elkaar gewreven moeten worden, maar sjieke schuivertjes die naar een contactpuntje glijden; dat is de trade-off. In games kun je daardoor meer zekerheid kweken in het wel of niet aandrukken van knoppen (belangrijk in de clutch van je online competities), maar in zijn geheel gaat een toetsenbord daardoor ook langer mee.

De meeste mechanische schakelaars garanderen vanuit hun fabriek al minimaal 50 miljoen toetsaanslagen, eer ze hun precisie verliezen. Dat klinkt als een loos getal, maar de duurzaamheid lijdt er allerminst onder. Tegen de tijd dat je een rubberen dome zo vaak hebt ingeramd, is dat hele toetsenbord al langzaamaan omgesmolten tot een plakkerig prutje onder je vingers. Voor het gros van de chiclet-schakelaars in laptops geldt geen andere afloop. 

De optie voor optisch

Tegenwoordig rollen fabrikanten ook steeds vaker opto-mechanische schakelaars uit. Die maken gebruik van hetzelfde mechanische proces, waarbij het fysieke contactpunt vervangen is door lasers en lichtsensoren. De optische optie is nog rustig in opkomst, maar het proces belooft nóg meer duurzaamheid (door de drastische vermindering van slijtage), snellere responstijden en in sommige gevallen zelfs analoge input.

Al met al voelen en klinken mechanische schakelaars daardoor simpelweg lekkerder, en dat blijven ze dus doen. Dat maakt het dat veel pc-gamers investeren in dat preciezere gerikketik.

Welke mechanische schakelaar is geschikt voor mij?

Als je dan eenmaal doorkrijgt waarom mechanische schakelaars de voorkeur verdienen, begint natuurlijk het zoekproces naar de juiste schakelaar. Nogmaals: die komen in allerlei smaken, van allerlei verschillende bakkers.

Het grootste marktaandeel in deze sector wordt gevuld door het Amerikaans-Duitse Cherry en hun aanbod aan verschillende soorten schakelaars. Cherry is als de Glenlivet-whisky van klikkertjes; een prima middelmaat, die ook weer dient als een meetlat om concurrentie tegenaan te leggen. 

Of het nu gaat om Cherry zelf, de concurrentie die de smaakjes spiegelt of zeldzame switches voor niches: binnen de mechanische schakelaars gaat het altijd om drie verschillende genres…

Voor de soepelste switches is er het lineaire profiel (Cherry MX Red), de tactile schakelaars voegen daar een voelbaar knikje aan toe (Cherry MX Brown) en uiteraard zijn daar de clicky-uitvoeringen met daarbovenop ook een auditief klikgeluidje (Cherry MX Blue). Klonen en concurrentie van Cherry nemen meer dan eens datzelfde kleurenschema over voor hun alternatieven.

Wie de perfecte schakelaar voor zijn of haar vingers (en oren) wil vinden, moet dus eerst nagaan welk drukprofiel het best past. Daaronder vallen dus gevoel en geluid, maar ook hoe diep het activeringspunt ligt. En ja, wat je daarin het fijnst vindt, is écht iets wat je voor jezelf moet gaan beleven. 

Cherry is als de Glenlivet-whisky van klikkertjes; een prima middelmaat, die ook weer dient als een meetlat om concurrentie tegenaan te leggen.

Qua geluid is het makkelijker om van een afstandje aan te horen wat jij prettig weg vindt klikken en tikken. Voor het gemak hebben we daarom ook even een wilde greep gedaan op vijf verschillende toetsenborden (en mechanische schakelaars), zodat je voor jezelf al een auditief plaatje kunt schetsen.

De snelste switches

Doorgaans kiezen snelle gamers en precieze typpuristen voor een lineaire schakelaar. Minimale wrijving, geen geklik; alles draait om zo snel mogelijk dat contactpunt vinden. Zij die dan wat minder precies typen of gamen, kunnen echter wel in de knoop raken met die snellere respons. 

Bijtijds activeert een toets te vluchtig of volledig per ongeluk, wat zonder verdere oefening ongekend frustrerend af kan lopen. ‘Speed’-schakelaars met nóg lichtere actueringskrachten worden dan al helemaal een potje stressen.

Het consistente ‘klikje’

Tactile en clicky schakelaars bieden in die zin iets meer houvast. Terwijl je tikt of speelt, blijft dat voelbare ‘drempeltje’ (optioneel dus bijgestaan door een klikje) je immers herinneren aan wanneer de toets precies het signaal verzendt. Daarnaast kan precies dat gevoel of geluid ontiegelijk plezierig zijn in het gebruik. 

Vraag het je lokale toetsenbord-prediker maar na: er is ongetwijfeld een specifieke schakelaar waarover hij/zij urenlang door kan praten, als het aankomt op die zalige tikjes.

Wie een toetsenbord of schakelaar voor het leven wil vinden, doet er dus goed aan even in het rond te vingeren. Het zal lang niet iedereen boeien, maar als je vingers nu eenmaal klikken met een specifiek typgevoel en -geluid, kan dat gemakkelijk tot honderden uren werk- en speelplezier leiden. 

Form factors en lay-out

Makkelijker om voor jezelf te visualiseren: welke grootte toetsenbord is geschikt voor je? Met het groeiende animo voor mechanische precisie komt immers ook een groter aanbod aan vormen om al die mooie klikkertjes in te huizen. 

Voor velen blijft de full-size grootte een de facto uitvalsbasis. Onder het gros van de fabrikanten is dat dan ook het standaardmodel om uit te rollen, om pas later variaties te maken die oppervlak wegsnijden. En toch, ook zo’n kleiner modelletje kan handig zijn – al helemaal met het oog op de prijs.

Zit je om budget niet verlegen, kijk dan absoluut naar de grootste vormen. Daar vind je extra ruimte voor dedicated media controls, een reeks macro-knoppen of andere features. Komt dat je allemaal niet zo nauw, dan ben je meer dan welkom bij de ingekorte opties.

Kleiner is fijner

Voor veel gamers voldoet immers ook veelal de tenkeyless vorm, vaak afgekort tot TKL. Onder deze noemer wordt het numerieke gedeelte weggesneden, welke uiteraard voornamelijk nut vindt in productieve activiteiten. Leuk voor je Excel-sheets, overbodig in het merendeel van pc-games. 

Wil je wel genieten van die mooie schakelaars in je games, maar vind je de prijzen te stevig? Weet dan dat uitwijken naar een TKL-toetsenbord je makkelijk een paar tientjes kan besparen.

Toetsenborden voor de aesthetic

Toetsenbordpuristen zagen in de afgelopen jaren ook de populariteit van onder meer de 60%-vorm (en variaties daarop) groeien. En ja, die zijn dan ook vooral gericht op een bepaalde niche. 

Door veel fysieke functie-toetsen in te leveren, kunnen minuscule keyboardjes ontstaan. Handig in hun draagbaarheid, maar 60% wint vooral aan populariteit middels de esthetische insteek. Op deze minimalistische plankjes wordt typen of gamen een ontwenningsproces, maar ze lenen zich fantastisch voor het showcasen van unieke modificaties, interessante kabels of custom keycaps.  

Experimentele knoppen, regenbogen en bizarre vormen; elke fabrikant probeert wel eens wat flair toe te voegen.

Toeters, bellen en RGB

Met luxere toetsenborden komt niet alleen meer keuze in gevoel en vorm, maar ook andere toeters en bellen in legio. Experimentele knoppen, regenbogen en bizarre vormen: elke fabrikant probeert wel eens wat flair toe te voegen. Als er echter één inmiddels gepopulariseerde toeter is waar iedereen wel wat over te zeggen heeft, dan is het wel RGB-verlichting.

Onder mechanische schakelaars is een ingebouwde LED inmiddels eerder norm dan uitzondering. Het gros van de mechanische toetsenborden ondersteunt daarmee dan ook per-key RGB: de mogelijkheid om elke toets afzonderlijk aan te sturen in felheid en tint. 

Software maakt of breekt het bord

Of je de regenboogverlichting in de marketing nu ontzettend tof of juist gruwelijk lelijk vindt: een beetje per-key RGB doet alsnog wat jij wilt. Enkelkleurs of circusattractie, fel of volledig gedimd – uiteindelijk is het allemaal mogelijk. Het enige wat je daarin tegen kan houden (en wat des te belangrijker is voor de juiste aankoop), is de software waarmee de verlichting zich aan laat sturen.

De software (of soms het uitblijven daarvan) is voor veel aankopen in de randapparatuur bepalend. Hierin hangen merken hun grootste selling points rondom unieke mogelijkheden, alsmede hun overkoepelende ecosysteem. Een lichtje erin mieteren kan iedereen; de ideologie is om alle lichtjes in je set-up samen te laten werken.

Een neurotische pc-gamer zoekt dan synchronisatie tussen álle apparatuur, waardoor je gebonden blijft aan een of twee fabrikanten. Anderen prefereren juist de vrijheid om ook zónder allerlei software (of RGB-aanhangsels) aan de slag te kunnen – een belofte die langzaamaan ook weer aan terrein terugwint.

Geanimeerde GIF-afbeelding waarop meerdere schermen van de Logitech G Hub te zien zijn. Daaronder vallen tabbladen om macroknoppen aan nieuwe functies te koppelen, maar ook de mogelijkheid om RGB-verlichting aan te passen en andermans profielen te ontdekken.
Features versus focus

Welke toeters, bellen en bijbehorende software voor jou geschikt zijn, is lastig te peilen. Ook dat is iets wat hevig afhankelijk kan zijn van smaak en eerdere ervaringen. De een hecht meer waarde aan unieke features, de ander investeert liever in enkel dat precieze typgevoel. Die afweging zul je voor jezelf moeten maken.

Voor de meest uitbundige (RGB-)profielen en features kunnen we je hoogstens doorverwijzen naar merken als Razer, Corsair, Logitech en SteelSeries. Specifiek Razer en Corsair leunen daarbij het zwaarst op een overkoepelend RGB-ecosysteem, met vaak ook native interactiviteit voor bepaalde games. 

Voor meer ingetogen opties (en/of vrijheid van software) ben je beter af bij bijvoorbeeld Ducky, Cooler Master en de meer niche-gerichte planken. Op Kickstarter en Drop vind je vaak genoeg unieke, minimalistische toetsenborden – meestal voorzien van mogelijkheden om die verder naar smaak en schakelaar te tweaken.

En dan nog wat...

Uiteindelijk hangt het vinden van het juiste, mechanische toetsenbord van nog ontelbaar meer factoren af. Van uitklappootjes en polssteunen tot aan extra poorten of draadloze connectiviteit: de keuze is reuze. En wat de een dan beschrijft als “het perfecte toetsenbord”, klinkt voor jou misschien weer als een roestig machinegeweer. Dat kan en dat mag – zo is nu eenmaal de keuzestress met de groeiende markt voor mechanische toetsenborden. 

Maar goed, nu weet je in ieder geval wat er zoal op die markt rondspookt, en wat dat voor jou kan betekenen. Als je, gepaard met die kennis, zelf op de tast gaat om de juiste ‘klik’ te vinden, ben je al een heel eind op weg naar je volgende vriend op het bureaublad. 

En mocht je dat maatje eenmaal gevonden hebben, dán kunnen we eens verder praten over dat veel te diepe konijnenhol waar je in aan het tuimelen bent. Voor je het weet overweeg je twee avonden priegelen om je schakelaars in te vetten – of moet je jezelf uit de aankoop van een peperdure USB-kabel praten. 

Doe mee aan het Pixel Vault-lezersonderzoek en maak kans op een Bol.com-cadeaukaart van 25 euro! Doe mee

Geef een reactie

Het e-mailadres word niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *